FAQ

Deontologische_code_leerkrachten_nov_2014Indien u geen antwoord vindt op uw vraag, gelieve ons te contacteren op info@ribz.be of maak gebruik van de zoekfunctie (klik op het vergrootglas).


  • Aan welke voorwaarden moet ik voldoen om leraar NCZ te kunnen worden?

Lees meer over de bekwaamheidsbewijzen.


  • Gelden de vakoverschrijdende eindtermen ook voor de LBV?

De leraren LBV realiseren heel wat vakoverschrijdende eindtermen in hun lessen of in projecten die zij organiseren. De leraren LBV zullen die vakoverschrijdende eindtermen die zij vanuit hun leerplan belangrijk vinden vermelden in hun jaarplan. De autonomie van de LBV kan hierbij niet in het gedrang komen.


  • Hoe kan ik het best solliciteren?

U moet niet alleen voor de school solliciteren maar uw kandidatuur ook indienen bij de bevoegde inspecteur-adviseur NCZ (zie ambtsgebieden). Deze laatste draagt de kandidaten voor.


  • Wat is de taak van de inspecteur-adiviseur NCZ bij een benoeming?

De inspecteur-adviseur NCZ moet een kandidaat voordragen voor benoeming zonder deze voordracht is de benoeming nietig.


  • Moet een leraar NCZ deelnemen aan de doorlichting?

De inspecteurs van de doorlichting hebben geen enkele bevoegdheid over de leraren LBV.


  • Wat zijn de verwachtingen van de inspecteur-adviseur NCZ?

Lees meer in de deontologische richtlijnen van de leraar NCZ.


  • Wat is het verschil tussen enerzijds het beoordelingsverslag van de directeur en anderzijds dat van de inspecteur LBV en hoe verhouden ze zich tot elkaar en met mogelijk welke gevolgen?

De directeur kan een leraar beoordelen op zijn of haar algemene participatie aan het schoolgebeuren, zijnde het functioneren in het schoolteam, het nastreven en verrijken van de schoolcultuur, het bewerkstelligen van het schoolwerkplan enerzijds en het pedagogisch project van de school anderzijds, bovendien kan de directie beoordelen op bvb het omgaan met de leerlingen en de algemene tucht en orde van de leraar, dit ook in de les LBV.

De inspecteur-adviseur beoordeelt alles wat met het vak te maken heeft : de schoolagenda (invullen en opbouw), de lesvoorbereiding naar vorm en inhoud, de beroepsbekwaamheid van de leraar, het inhoudelijke van de les, de pedagogisch-didactische aanpak, de inhoudelijke organisatie van examens, toetsen, de leer- en jaarplannen van het specifieke LBV.

De directie kan wel schoolagenda, jaarplan(nen), lesvoorbereiding(en) opvragen maar noch op inhoud noch naar vorm beoordelen.

Finaal zou dit in het slechtste geval kunnen betekenen dat een leraar LBV een zeer goede beoordeling krijgt van zijn of haar inspecteur-adviseur maar een onvoldoende van zijn of haar directeur. De beoordeling gebeurt door ieder op zijn niveau.