Vak NCZ

Niet-confessionele zedenleer is één van de levensbeschouwelijke vakken uit het verplicht keuzeaanbod in de scholen van het GO en het officieel gesubsidieerd onderwijs. Bij het ruime(re) publiek staat het vak bekend als de les zedenleer of moraal.

In de les niet-confessionele zedenleer worden kinderen en jongeren een moreel bewustzijn en zingevend oriëntatiekader bijgebracht vanuit het vrijzinnig-humanistische levensbeschouwing. Bij deze belangrijke leerprocessen in de vorming van de persoonlijkheid van het kind en de jongere, staat de leraar Niet-confessionele Zedenleer centraal als geëngageerd begeleider.
In de lessen komen verschillende facetten van de menselijke geest en gevoelswereld thematisch aan bod. Kritisch benaderen van de actualiteit, kennis maken met de wereldgodsdiensten, ontdekken van jezelf en de andere, het aanscherpen van historisch bewustzijn, ontwikkelen van sociale vaardigheden, zich bekwamen in argumenteren, … Het vak niet-confessionele zedenleer staat, met deze en vele andere inhoudelijke aspecten en werkgebieden, garant voor een rijke morele opvoeding.
Niet-confessionaliteit slaat op het niet-confessionele karakter, het niet (willen) gebonden zijn aan een confessie of (godsdienstige) geloofsovertuiging. De term ‘niet-confessionaliteit’ dient geplaatst binnen het leergebied van de waarde-vorming. Historisch gezien, te situeren binnen de brede gedachtestroom, zoals die sedert de periode van het renaissance-humanisme (dat ook verbonden kan worden aan verschillende stromingen in de klassieke Oudheid) en tijdens de Verlichting heeft vorm gekregen. Een dynamische gedachtestroom die tot op de dag vandaag verder evolueert.

In Vlaanderen zet de georganiseerde vrijzinnig-humanistische gemeenschap zich in voor de organisatie en de inhoudelijk kwaliteit van het vak.